Een menstruatieproducten uitgiftepunt
Een menstruatieproducten uitgiftepunt Foto: archief

Kinder- en menstruatiearmoede binnen Leiderdorp

Algemeen

Na alarmerende cijfers uit een landelijk rapport wil raadslid Sem Overduin (PvdA-GroenLinks) weten hoe de situatie lokaal is. Heeft de gemeente eigenlijk zicht op de jongeren die hulp nodig hebben? En wat wordt er gedaan tegen menstruatiearmoede?

Raadslid Sem Overduin van de fractie PvdA-GroenLinks heeft vragen ingediend over kinder- en menstruatiearmoede binnen Leiderdorp. Deze vragen komen naar aanleiding van een rapport gepubliceerd op de ‘Dag van de Kinderarmoede’.

Het rapport van Stichting Kinderhulp ‘Armoedestress voor kinderen en jongeren in Nederland. Basisvoorzieningen onder druk’ kwam uit op donderdag 17 april. In het rapport beschrijft Stichting Kinderhulp hoe het aantal kinderen die zij geholpen hebben de afgelopen vier jaar is toegenomen met 10.798. Dit is een stijging van ruim veertig procent. 

Vragen

Overduin wil nu graag weten of het college bekend is met deze cijfers, en of de gemeente en Incluzio ook een stijging merken bij bewoners die een beroep doen op basisvoorzieningen zoals kleding en persoonlijke verzorgingsproducten.

‘De laatste cijfers over kinderen in huishoudens met een laag inkomen dateren uit 2019 en zijn afgerond op honderdtallen.’ citeert Sem Overduin uit het armoedebeleid van de gemeente Leiderdorp. Hij wil graag weten of de gemeente nog op andere manieren een zicht heeft over het aantal kinderen in armoede. Als dit het geval is, vraagt Sem verder over het aantal kinderen, en hoe zij bereikt worden door de gemeente. Als de gemeente geen andere manieren heeft om zicht te behouden op de kinderen in armoede vraagt hij zich af wat er gedaan kan worden samen met Incluzio om de te veranderen. 

Menstruatiearmoede

In het rapport van Stichting Kinderhulp staan ook cijfers over menstruatiearmoede. In 2024 hebben 5154 mensen aanvragen gedaan naar menstruatieproducten, terwijl dit er nog maar 848 waren in 2019. Hier zijn eerder al schriftelijke vragen over gesteld, en Overduin wil nu weten wat het resultaat geweest is van de gesprekken met Incluzio, Asopos de Vliet en onderwijsinstellingen. Hij vraagt het college ook nog of zij van mening zijn dat genoeg menstruatieproducten uitgiftepunten een belangrijk onderdeel is in de strijd tegen menstruatiearmoede. 

Als laatste verwijst Sem Overduin naar een stuk advies in het rapport om met jongeren die opgroeien in armoede in gesprek te gaan. Op deze manier kunnen gemeente meer leren over hun leven, en wat er nodig is. Overduin vraagt het college wat hun standpunt hier over is. Het college heeft tot en met vrijdag 30 mei om de vragen te beantwoorden.

Uit de krant